Pioenrozen en jasmijn

14-05-2017

De pioenrozen staan weer in bloei, het is weer die periode van het jaar. Dan denk ik aan jou.

De jasmijnbloemen geuren weer fel, dan herinner ik me mijn grote verdriet.

Het was niet het eerste en zeker niet het laatste, maar wel het grootste, en heeft me gevormd tot wie ik ben en heeft me geleerd hoe ik omga met afscheid nemen.

Toen je net gestorven was, en alles begon door de dringen, bloeiden de pioenrozen en jasmijnbloemen ook.

Toen plukte ik die, en bracht die naar je graf. Toen kwam ik vaak naar je graf, om zeker te zijn, dat het echt was, dat je er niet meer was. Om het te laten doordringen, om tijd te doden, tijd die ik anders misschien wel met jou had doorgebracht.

Tijd, wanneer de pioenrozen bloeien denk ik aan die tijd, toen je er nog was. En gelukkig was. 
Toen je stierf vroeg je zus me of je gelukkig was, wist ik veel, ik zei ja, omdat ik hoopte dat je het was. En ik ga er ook vanuit dat je het was, want toen ik je zag, 1 minuut voor je fatale val, had je de mooiste glimlach op je gezicht onder een stralende zon en je was gehaast op weg naar wie je dacht samen gelukkig mee te worden.

Ik bezoek je graf nog zelden, want ik hoef geen bevestiging meer, ik weet dat je er bent, in alles wat rond me gebeurt, in alles wat op mijn pad komt, weet ik dat de tijd met jou, geen tijd kent.

Nu pluk ik geen pioenrozen en jasmijnbloemen meer, ik laat ze bloeien en geniet ervan, en herinner me jou, in alles. En ik voel ook jouw aanwezigheid. In alles.